Met de komst van de Omgevingswet zijn alle regels voor de fysieke leefomgeving gebundeld, vereenvoudigd en gemoderniseerd. Ook binnen het VTH-domein zijn de effecten merkbaar. De wet vraagt om snellere besluitvorming, integrale afwegingen en duidelijke onderbouwing. Maar er zijn ook uitdagingen. Zo zijn ervaren vergunningverleners en handhavingsjuristen schaars, terwijl de werkdruk hoog is en nauwkeurig werken cruciaal.
Hoe duidelijker, hoe beter
De invoering van de Omgevingswet heeft grote veranderingen binnen het VTH-domein gebracht.
- Vergunningverlening: waar je voorheen te maken had met verschillende vergunningen, is er nu één geïntegreerde omgevingsvergunning.
- Toetsing: het toetsingskader is gewijzigd door de invoering van het omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan).
- Handhaving: de Omgevingswet introduceert de handhavingsstrategie die gemeenten verplicht moeten opstellen.
Rol van de gemeente
Onder de oude Woningwet moest de gemeente bij het verlenen van een nieuwe bouwvergunning altijd technisch toetsen aan het Bouwbesluit. Met de Omgevingswet is dit verschoven naar het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), die weer nauw samenhangt met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Dat betekent een verschuiving van verantwoordelijkheid: de opdrachtgever of initiatiefnemer wordt primair verantwoordelijk voor de technische kwaliteit van het bouwwerk, erkende kwaliteitsborgers (onafhankelijke private partijen) controleren of het bouwwerk voldoet aan de technische voorschriften.
De rol van de gemeente verschuift dus van technisch controleur naar systeemtoezichthouder. Dit maakt de toetsing voorspelbaarder en sneller, omdat ambtenaren nu meestal zelfstandig kunnen beoordelen zonder commissie. Die vereenvoudiging past bij de gedachte achter de Omgevingswet: minder procedures, duidelijkere criteria, en meer focus op wat echt belangrijk is voor de omgevingskwaliteit.
Hoge werkdruk, strakke planning
Ondanks de positieve effecten, brengt de Omgevingswet ook genoeg uitdagingen. Zo is er bij veel gemeenten een capaciteitstekort: ervaren vergunningverleners en handhavingsjuristen zijn schaars. En dat terwijl de werkdruk hoog is, en beslis- en behandeltermijnen strak. Bovendien brengt de Omgevingswet nieuwe verplichtingen en werkwijzen met zich mee, die tijd en ervaring vragen. Nauwkeurig werken is cruciaal: fouten in vergunningverlening of handhaving kunnen juridisch grote gevolgen hebben. Daarom moeten de kwaliteit en juridische onderbouwing gewaarborgd blijven. Tot slot kan de digitalisering via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) voor de nodige vertraging zorgen.
Van alle markten thuis
Bij Kinran vinden we dat een goede vergunning- of handhavingsbeslissing begint bij duidelijke beoordeling en sterke juridische argumentatie. Eenduidige en begrijpelijke communicatie met initiatiefnemers voorkomt escalatie en vertraging. De Omgevingswet biedt veel handvatten om integraal en efficiënt te werken. Maar dat werkt alleen als gemeenten goed zijn toegerust en elkaar weten te vinden.
Kinran levert ervaren vergunningverleners en handhavingsjuristen die direct meedraaien en volledig thuis zijn in de wetgeving. We hebben praktische, juridische én inhoudelijke expertise. Bijvoorbeeld in vergunningverlening, vooraankondigingen, lastopleggingen en handhavingsbesluiten. Ook kunnen we begeleiden bij bezwaar- en beroepsprocedures. We zijn het gewend om complexe dossiers op te pakken en besluiten juridisch waterdicht te formuleren.
Lees en luister verder
Voor wie zoekt naar ondersteuning op het gebied van vergunningverlening en ruimtelijke ontwikkeling, maar geen vaste adviseur op locatie hoeft, is er ons Ruimteloket. Collega Samantha van Zanten vertelde er al eens over.
Ontdek de laatste actualiteiten én verdiep je in de wereld van ruimtelijke ordening met onze podcast Ruimtedenkers. In gesprek met professionals bieden we een exclusief inkijkje in het vakgebied actueel, inhoudelijk en inspirerend.